2. Pre-Historie
De Situationiste Internationale, Prehistorie (1952- 1957)
De Situationiste Internationale is gevormd uit personen uit verschillende groepen, namelijk de Letteriste Internationale, Cobra en de International Movement For an Imaginative Bauhaus. Deze groepen vormen de basis voor het gedachtegoed en de uitingsvormen van de Situationiste Internationale. Gedurende de bestaansperiode van de beweging zullen deze aangescherpt worden en zullen er nog enige thema’s aan toegevoegd worden. Het is echter lastig om precies te zeggen wat nu de thema’s van de SI zijn, omdat veel van de deelnemers aan de beweging later worden uitgesloten. Bovendien kan de groep nooit los gezien worden van zijn leider, Guy Debord, dus ook na vele splitsingen worden zijn opvattingen vaak gezien als de opvattingen van de SI.
De zelf uitgeroepen leider van de SI, Guy Debord, had voor de SI ook al de Letteriste Internationale gevormd. Deze zou in 1957 opgeheven worden om plaats te maken voor de SI. De Letteriste Internationale was zelf ook al een reactie op een eerder groep, namelijk de Letterist, geleid door Isidore Isou. Debord voelde zich in het begin aangetrokken tot deze groep, en nam er deel van uit. De Letterist strijden voor de destructie van het woord en de zin, teneinde de letter de status te geven die deze volgens Isou verdiende. Gedeeltelijk is dit geïnspireerd op de stroming van het Surrealisme en Dada. De intentie wordt duidelijk gemaakt in hun Manifest1. Een tweede thema van de groep is de ‘Nucleaire jeugd’. Deze jeugd moet zich volgens Isou ontdoen van hun toekomstige volgzame rol binnen de maatschappij2. De Letteriste Internationale zal zich vormen uit precies deze jeugd, in de naaste kringen van Isou, die zich van hem distantiëren. Een bekend voorbeeld van deze houding is de Graffiti “Ne travailles jamais” die Debord ergens in Parijs zet, en die hij later zal afdrukken in Potlatch, het tijdschrift van de LI3.
Met de groep van de LI houdt Debord zich eigenlijk vooral bezig met drinken. In de wijk van St. Germain Des Près zetten ze het iedere dag op een zuipen, om vervolgens in beschonken staat door de stad te gaan zwerven. Hieruit ontstaat de groeps fascinatie voor het stedelijk leven, toevallige ontmoetingen en het nomadisch bestaan. Deze levensstijl zal uiteindelijk leiden tot een aantal van de kernbegrippen van de LI, die ook door de SI overgenomen zullen worden. Centraal staat het door hun uitgevonden begrip Psychogeografie. Dit begrip, samengesteld uit de begrippen Psychologie en Geografie draait om een studie van het effect van een stedelijk geografische situatie, op de psyche, de handelingen en de relaties van de mens in deze setting.
  • Reinventing on a personal level, reconfiguring it along the lines of a new nomadic lifestyle.
  • The study of the specific effects of geographical environments, consciously organised or not, and the emotions on the behaviour of individuals.
  • Psychogeagraphical: That which "Manifests the geographical environments direct emotional effects.4
Debord maakt met Michèle Bernstein, een ander lid van de groep, en later ook tijdelijk zijn vrouw, vaak ritten per taxi. Over deze ritten zegt Bernstein het volgende: “Only taxis allow true freedom of movement. By travelling varying distances in a set time, they contribute to automatic disorientation. Since taxis are interchangeable, no connection is established with the "traveller” and they can be left anywhere and taken at random. A trip with no destination, diverted arbitrarily en route, is only possible with a taxi's essentially random itinerary5.Uit deze bevindingen komt uiteindelijk een van hun technieken voor de studie van de Psychogeografie, het Dérive. Een dérive is een tocht door de stad, waarbij de deelnemer zijn normale redenen tot navigatie laat varen, en zich volledig laat leiden door intuïtieve gevoelens. Volgens de groep zal en zorgvuldige studie van deze dérives en het representeren hiervan in ‘flow charts-maps’ leiden tot een herinterpretatie van de gebouwde stedelijke omgeving.
Een tweede belangrijke factor binnen de LI en later de SI is de techniek van het Détournement. Bij een détournement gebruikt men een bestaand beeld (van strip, reclame tot oude schilderijen) als basis. Deze Objets Trouvés worden vervolgens gemodificeerd door er teksten of beelden aan toe te voegen. Dit heeft een tweeledig doel . Aan de ene kant kan deze techniek gebruikt worden als propaganda die aantoont dat bestaand culturele waarden hun waarde verliezen. Ten tweede kunnen door deze toevoegingen of modificaties alledaagse zaken buiten hun context geplaatst worden om zo maatschappelijke kritiek te geven.6
Een ander centraal figuur is Asger Jorn. Hij staat aan de basis van twee groepen die samen zullen komen in de SI, Cobra en de International Movement for an Imaginative Bauhaus. Cobra bestaat uit Asger Jorn (Kopenhagen), Joseph Noiret, Guillaume Corneille, Christian Dotremont (Brussel), Karel Appel en Constant Nieuwenhuis (Amsterdam). De groep staat bekend om zijn kleurrijke experimentele schilderwerk. Ze voelen zich vaak aangetrokken tot de ‘outsider-art’ van kinderen en geestelijk gehandicapten. Verder zijn bij veel van hen sterk marxistische beelden te vinden, vooral bij Constant, die ook een belangrijke deelnemer aan de SI zal worden.
De International Movement for an Imaginative Bauhaus wordt gesticht door Jorn, als hij zich na een periode van ziekte heeft teruggetrokken uit Cobra. Samen met Pinot- Gallizio richt hij deze beweging op als kritiek op het door Max Bill nieuw leven ingeblazen Bauhaus. Hun kritiek richt zich op de formele abstractie en industriële esthetiek van het Bauhaus. Volgens IMIB moet er meer aandacht liggen op subjectivisme, experiment, automatisme en toeval. (7)Vooral het besef dat hun tijd wordt gekenmerkt door grootschalige automatisering, en dat hier verkeerd mee wordt omgegaan is een belangrijk punt. Niet de machine moet het creatieve proces beheersen, en daarmee de mens tot zijn slaaf maken, maar de mens moet de machine gebruiken om tot nieuwe creatieve methoden en uitingen te komen.8
Deze verschillende groepen worden voor het eerst samen gebracht nadat Jorn, via hun officiële tijdschrijft, Potlatch, op de hoogte is gesteld van het bestaan van de Lettriste International. Er wordt een bijeenkomst georganiseerd die naam ‘First World Congress for Free Artists’ draagt. Tijdens de lezingen van de verschillende deelnemers ontstaat nog een aantal kernbegrippen van de SI. Asger Jorn geeft in zijn openingsrede de richting aan waarin de SI zich later zal gaan gedragen, aangaande kunst, en dan vooral die van degenen die zich tot de Avant-garde willen scharen.9 Wolman is het die in zijn toespraak voor het eerst het begrip ‘Unitary Urbanism’ noemt. In zijn redevoering koppelt hij het woord ‘ambiance’, waar het ook in de Psychogeografie om draait aan kunst en technologie. Volgens hem moeten de laatste twee worden ingezet om een specifieke ambiance te creëren, die ervoor moet zorgen dat stedelijk leven op een prettiger niveau komt.10