5. Conclusie
Heden & Verleden, Conclusie
In de vorige hoofdstukken heb ik de overeenkomsten tussen de technieken van hedendaagse kunstenaars en de Situationisten uitgebreid beschreven. Ook in de context waarin deze plaats vonden zijn de nodige parallellen te vinden. Ook als we kijken naar de initiële intenties van de groep, zoals verwoord in de lezingen tijdens de ‘First world congress of free artists’ kunnen we bij de navolgers perfecte parallellen vinden.
“There are two conditions that apply for a movement to be called Avant-Garde. In the first place it must be isolated, without direct support from the established order, and given over to an apparently impossible a useless struggle. ... Next, the struggle of this group must be of essential importance for the forces in whose name it struggles- in our case, Human society and artistic progress - and the position conquered by this Avant- Garde must later be confirmed by a more general development"61
Als we dit leggen naast de manier waarop kunstenaars als Banksy en groepen als Reclaim the streets zichzelf wegcijferen voor hun doeleinden, en ook in de intenties van Adam Neate, die zijn kunstwerken gratis weggeeft op straat kunnen we zeggen dat ze zich braaf houden aan de regels die Jorn hen hier oplegt.
“Whatever Prestige the bourgeoisie may today be willing to accord fragmentary or deliberately retrograde artistic tendencies, creation can now be nothing less then a synopsis aiming at an integral construction of an atmosphere, of a style of life. ... A unitary Urbanism - The Synthesis that we call for, incorporating arts and technology - must be created in accordance with new values of life, values which it is henceforth necessary to distinguish and disseminate." 62
In de pogingen de middelen die nieuwe communicatie technieken ons bieden, en hoe deze worden gehanteerd door initiatieven als Scoot, Libia Pérez & Olafur Olafsson en Geograffity vinden we een betere verwezenlijking van deze doelen dan bij de meeste kunstenaars van Situationiste Internationale zelf. Het is echter vraag of deze, soms letterlijk navolging van de dogma’s van wel de manier is om trouw te zijn aan de SI.
     Het meest in het oog springende karakter van deze nucleaire jeugd blijft hun neiging tot (zelf)destructie. Hun excessieve drank gebruik enerzijds, de rebellie tegen alle activiteiten waar ze zelf aan deelnemen anderzijds, alles wijst op een totale verwerping van alle bestaande waarden, inclusief degene die ze zelf beschrijven. Op het moment dat Constant begint met een structurele manier om te werken aan de verwezenlijking van de ‘unitary urbanism’ wordt hij buitengesloten. Pinot Gallizio laat zijn schilderijen bewerken met Graffity, waardoor ze waardeloos worden, De films van Debord worden nauwelijks vertoond, en nadat de financier van zijn laatste film wordt vermoord laat hij vertoning ervan zelfs verbieden. Het boek Memoires dat Debord met Jorn schrijft heeft een omslag van schuurpapier, zodat het de boeken ernaast beschadigt. In 1990 zegt debord: “One party proves itself to be victorious by breaking up into two parties; for in doing so, it shows that it contains within itself the principle it is attacking, and thus has rid itself of the one-sidedness in which it previously appeared. The interest which was divided between itself and the other party is forgotten, because the interest finds within itself the antithesis which occupies its attention. At the same time, however, it has been raised into the higher victorious element in which it exhibits itself in a clarified form. So that the schism that arises itself in one of the parties and seems to be a misfortune, demonstrates rather that parties good fortune.”63
Een ander, minder bekend lid van de vroege SI, Kotáni stelt al veel eerder: “While various confused artists nostalgic for a positive art call themselves situationist, antisituationist art will be the mark of the best artists, those of the SI, since genuinely situationist conditions have as yet not at all been created. Admitting this is the mark of a situationist. 64
In dit licht gezien zijn alle intenties van de hiervoor beschreven groepen simpelweg te goed bedoeld. Geen van deze groepen geeft, zoals mijns insziens uit de methoden van de SI blijkt, de voorkeur aan het gevecht voor destructie over de mogelijke nieuwe situatie die daaruit voort komt. Waar bij de SI de middelen het doel, en het doel de middelen waren, zijn de meeste van deze groepen hierbij vergeleken brave wereldverbeteraars.
     Een ander aspect is de bewuste keuze van de Situationisten beweging om te breken met het bestaande culturele canon door middel van objecten die hieruit afkomstig zijn; het Détournement. De kracht van deze methode is dat de techniek van het Détournement zoals bedoeld door Debord zich niet distantieert van de waarden die het probeert te vernietigen. Het schaart zich ertussen, met het uiteindelijke doel zichzelf, bij de vervolmaking van deze vernietigen mee te sleuren de diepten in. Deze intentie is, welbeschouwd, een self-furfilling prophecy. De introductie van het begrip houdt de eigenlijke verwezenlijking ervan in; het toont de kwetsbaarheid van kunst onfeilbaar aan. Kunst is altijd kwetsbaar, in de eerste plaats in materiele zin (een kunstwerk kan fysiek beschadigd worden) maar ook in de interpretatie ervan. Kunst zal altijd subjectief blijven, en krijgt pas waarde door het ervaren en de interpretatie ervan. Op het moment dat het begrip Détournement geïntroduceerd werd, werd het volledige culturele canon een mogelijk doelwit en de interpretatie ervan zo voorgoed veranderd. Hiermee was de eerste doelstelling ervan bewerkt. Op het moment dat Détournement wordt toegepast, plaatst het zichzelf binnen het canon van de geproduceerde werken, en daarmee maakt het van zichzelf een mogelijk doelwit. Als verder toepassing ervan, door de beweging zelf dit gevolg al niet had, dan heeft in ieder geval de - waarschijnlijk door Debord voorziene - toe-eigening van deze techniek door latere generaties het gewenste effect. Op deze manier heeft Debord de onaantastbaarheid van de SI bewerkstelligd en mogelijke navolgers gedegradeerd.
     Een van de genoemde voorbeelden echter, Banksy, lijkt zich hier, bewust of onbewust van onderscheiden te hebben. Op zijn website is een manifest 65 te lezen, met daarbij een afbeelding. Het betreft hier een passage van een engelse kolonel, die het kamp Bergen-Belsen bevrijde. Hij omschrijft de gruwelijke, mensonterende omstandigheden in het kamp. En hij beschrijft “Colonel Gonin’s special delivery”. Per ongeluk wordt bij het kamp een lading lippestift geleverd, in plaats van medische hulpgoederen. Iemand komt op het idee de lippenstift uit te delen. Dit bleek de eerste stap te zijn in het teruggeven van enige menselijke waarde aan de slachtoffers. De afbeelding die erbij getoond wordt is een tekening van de overlevenden, staande langs het prikkeldraad in zwart-wit gestreepte kleding. De volledige tekening is in zwart-wit, behalve de lippen van de figuren, die fel roze zijn.
     Mijn eerste reactie was vooral walging vanwege de verschrikkelijke omstandigheden die omschreven werden, maar ook verwondering over de geschetste veerkracht van de mens die door lippenstift wordt gesymboliseerd. Vrij snel daarna echter, toen ik mij ging afvragen in wat dit manifest nu werkelijk wilde zeggen dacht ik het te begrijpen. De lippenstift was niet het oorspronkelijk uitgedeelde goed, hier was sprake van een Détournement, de tekening was hier een afbeelding van. Het toont tot wat de maatschappij is geworden in de tijd van het Spektakel en consumptie. De mens is wijs gemaakt dat zijn eigen uiterlijk niet goed genoeg meer is. Het aan ons door reclame opgedrongen beeld van de cosmetica energie is hij wij onszelf tegenwoordig zien. Echter, bij een zoekopdracht bij Google bleek het verslag van deze Kolonel vele malen gevonden te worden. Bij de voorbeelden die ik opende werd, ook bij sites over de historie van de Holocaust dit verhaal klakkeloos voor waar aangenomen.
Als hier geen sprake is van Détournement geeft dat opeens een nieuwe mogelijkheid die wellicht niet door Debord was voorzien. Banksy staat bekend om zijn confronterende détournistiche kunst. Bij alles wat hij maakt ga je automatisch opzoek naar het cynisme. In de oorspronkelijke vorm vervormt een Détournement een realiteit tot iets absurds. Wanneer echter iets dat absurds lijkt afgeschilderd als de werkelijkheid -daarmee de schijn van Détournement opwekkend- maar uiteindelijk niet blijkt te zijn, treed er feitelijk een Détournement van dit begrip zelf op; het détournement onderhevig aan zichzelf. Zo wordt de ingebakken aard tot zelfdestructie, al is het tijdelijk, opgeheven
     Toen ik tot deze conclusie kwam ging ik voor de zekerheid nog eens verder op zoek ging naar de bron van dit citaat. Toen bleek echter dat de bron niet te vinden was bij het instituut waarnaar op de website wordt verwezen. De persoon die wordt aangehaald, en de titel van het hoofdstuk kan op de website van de BBC wel geworden, maar bij geen enkele betrouwbare historische bron wordt gewag gemaakt van het lippenstift incident. Dit neemt echter de onzekerheid over het onderwerp niet weg. Op de website Wikiqoute66 van Wikipedia is het verhaal verwijderd, maar ook uit de verklaring die hierover gegeven wordt spreekt onzekerheid over de kwestie. De verwarring is gezaaid, en of banksy dit nu bedoeld had of niet, hij is hierdoor in mijn ogen als eerste in geslaagd eenmalig het begrip Détournement nieuw leven in te plaatsen. Deze truc evenaart de kracht van de zelfontkenning die de SI eigen is, en met deze destructie kan hij zichzelf op hetzelfde niveau plaatsen als de Situationiste Internationale.